Autoriteit woningcorporaties publiceert Q&A’s scheiding implementatie DAEB/niet-DAEB

Geplaatst op 27 maart 2018 , door
Categorie Corporatie alert, Woningcorporaties
Onderwerpen ,

De Autoriteit woningcorporaties (Aw) heeft op 21 maart een overzicht gepubliceerd van veel gestelde vragen en antwoorden over de implementatie van de scheiding DAEB/niet-DAEB. Tevens heeft de Aw op die datum een overzicht gepubliceerd van alle relevante wet- en regelgeving op dit punt.

Administratie

De wijze van inrichting van de administratie is de keuze van de corporatie. Belangrijkste voorwaarde is, dat de corporatie inzicht kan geven in het resultaat, de vermogenspositie en de liquiditeitspositie van de DAEB en de niet-DAEB tak. Een aparte bankrekening voor de niet-DAEB tak is geen wettelijke vereiste.

Vastgoedmutaties

Bij overgang van een woning van DAEB naar niet-DAEB dient deze over te gaan tegen marktwaarde. Dit wordt door de Aw ingevuld als de leegwaarde van de woning bij mutatie. Als een woning wordt verkocht van niet-DAEB naar DAEB, mag dit gepaard gaan met een aflossing van de interne lening. Bij overgang geldt het ingangstijdstip van de nieuwe huurovereenkomst als tijdstip waarop ook de administratie moet worden bijgewerkt.

VoV-woningen die afkomstig waren uit de DAEB voorraad, en die worden teruggekocht om vervolgens te verkopen, moeten eerst in de DAEB tak worden teruggekocht en vervolgens verkocht aan de niet-DAEB tak. Dit, omdat directe verkoop uit de DAEB tak wettelijk niet is toegestaan. Dit leidt dus tot een transactie en kasstroom tussen DAEB en niet-DAEB.

Financiering

Overtollige liquide middelen in de niet-DAEB tak mogen daar ook worden ingezet. Wel telt dit saldo mee in het borgingstegoed, zoals dat door het WSW wordt berekend.

Jaarrekening en accountantscontrole

Kleine correcties in de beginsituatie 2017, die geen (materieel) effect hebben op de ratio’s en de financiële verhouding DAEB/niet-DAEB, mogen worden aangepast. Als de afwijking 1% of meer is, vraagt de Aw afstemming.

In de jaarrekening 2017 dient de openingsbalans per 1-1-2018 te worden opgenomen onder de overige gegevens. Deze moet wel kunnen worden afgeleid van de openingsbalans 2017 en de mutaties in 2017. De openingsbalans mag dus niet alleen maar zelfstandig worden opgesteld door de eindbalans 2017 te splitsen, maar moet een logische resultante zijn van de openingsbalans en de mutaties gedurende 2017.

De dVi 2017 bevat de naar DAEB en niet-DAEB gescheiden balansen, resultatenrekeningen en kasstroomoverzichten. De wijze van scheiding is geen onderdeel van accountantscontrole over 2017.

Pas vanaf 2018 dient de volledige scheiding naar DAEB en niet-DAEB te worden opgenomen in de jaarrekening. Dan geldt ook de verplichte accountantscontrole op deze scheiding.

Alle posten in de jaarrekening die betrekking hebben op de vennootschapsbelasting dienen te worden toegerekend aan DAEB en niet-DAEB. Het is niet toegestaan om deze louter onder de DAEB tak op te nemen.

Meer weten over de gevolgen van de DAEB en niet-DAEB scheiding voor uw organisatie?

Neem contact op met onze adviseurs, zijn helpen u graag verder. Benieuwd of uw jaarrekening voldoet aan de uitgangspunten van de Aw? Finance Ideas Academy biedt trainingen op het gebied van de jaarrekening en control en compliance (leergang).

Senior adviseur woningcorporaties
Gerelateerde artikelen

Typ hier uw vraag...